SciELO - Scientific Electronic Library Online

 
vol.51 issue1 author indexsubject indexarticles search
Home Pagealphabetic serial listing  

Tydskrif vir Geesteswetenskappe

Print version ISSN 0041-4751

Tydskr. geesteswet. vol.51 n.1 Pretoria Mar. 2011

 

VARIA

 

Een groot mirakel: de Afrikaanse literatuur in Nederland in 2010

 

 

Eep Francken

Universiteit Leiden E-pos: A.A.P. Francken@hum.leidenuniv.nl

 

 

We zullen honderdtien jaar moeten teruggaan in de tijd om een jaar te vinden waarin in Nederland zoveel over Zuid-Afrika is gepraat en geschreven als in 2010. Natuurlijk ging 't vooral over het wereldkampioenschap voetbal en het Nederlands elftal, maar tegelijk kwam toch ook de Zuid-Afrikaanse samenleving beter in beeld. En die vernieuwde aandacht is niet verdwenen. Het leidinggevende dagblad NRC Handelsblad, dat net als alle andere kranten lezers verliest en dus correspondentschappen opheft, heeft desondanks naar Zuid-Afrika een nieuwe correspondent gestuurd.

In de pers verschenen kritische verhalen in verband met alle bekende problemen van Zuid-Afrika. Van de plaasmoorden hebben veel journalisten nu voor 't eerst gehoord. Maar er klonk ook bewondering door. De organisatie van het kampioenschap liep veel beter dan verwacht. Ook de politieke stabiliteit in het land sprong in het oog, zeker in een jaar waarin België verzonk in politieke chaos en Nederland blij moest zijn met een vreemde minderheidsregering. Zouden koning Albert en koningin Beatrix nu president Zuma om advies vragen?

Nederlandse uitgevers hebben in 2010 veel boeken uitgegeven over allerlei aspecten van Zuid-Afrika. De Afrikaanse literatuur speelde hierbij een kleine rol, maar is in sommige uitgeversfondsen toch duidelijk aanwezig. Het Afrikaanse lied trekt volle zalen. Drie zangers hebben zoveel succes dat ze jaarlijks naar de lage landen komen. Gert Vlok Nel was onder meer in de Melkweg (Amsterdam), waar ook de Nederlandse tv-film "Beautiful in Beaufort-Wes" te zien was (7 mei). Amanda Strydom, de "diva van het Afrikaanse luisterlied", bracht in november en december haar concert "Vuur in glas" in vijftien steden. Chris Chameleon had in het laatste kwartaal van 2010 zo'n vijfentwintig optredens in Nederland en gaf in oktober in Vlaanderen ook nog een benefietconcert voor een Zuid-Afrikaanse school. In een vraaggesprek in Sarie onthult hij hoe hij zo'n zwaar programma volhoudt: "Oefening, goed eet, baie water, deeglik opwarm en 'n deeglike bewusheid van waar jou krag lê [...] is my valhelm." Chameleon begrijpt uitstekend dat zijn Nederlandse publiek aan de ene kant "dikwyls giggel" om Afrikaanse wendingen maar aan de andere kant toch ook veel houdt van het Afrikaans: lichte spot en oprechte waardering bijten elkaar niet. Ook de dichteres Diana Ferrus gaf een benefi etconcert, in Amsterdam op 29 oktober, samen met Florence Filton. De opbrengst was bestemd voor de kinderen van het dorp Klawer.

In de provincie Groningen speelt zich een muzikaal mirakel af. Naast de stemmen van de sterren van nu, klinkt daar het geluid van de stamvader van het Afrikaanse lied, Koos du Plessis. In april gaven Klaas Spekken en Wia Buze Du-Plessisconcerten met vertalingen in het Gronings, van de hand van Dina Bellinga: "wie binnen hier aalmoal soamen / in vrundschap zien noam / mit ons mooi en ons maal / puur onszulf, dat veuraal". Dit project wordt voortgezet. Hun cd heet: "Ofschaaid zonder woorden" (info@koosduplessis.nl).

In de stad Groningen gaven de sopraan Charlotte Margiono en Frans Ehlhart (piano) een reprise van hun liederenavond op teksten van Ingrid Jonker: "Hierdie reis" (10 november). Ook daarvan bestaat een cd. Wat daarentegen nog niet bestaat is de speelfilm naar het leven van Jonker, met in de hoofdrol onze grote nieuwe filmster Carice van Houten. Over dat nog niet voltrokken mirakel wordt wel veel gepraat.

2010 was toch ook wel een jaar van vertalingen. In de eerste plaats van die van Riet de Jong-Goossens, aan wie maar liefst de Martinus-Nijhoffprijs 2010 is toegekend. Een mirakel voor de Afrikaanse literatuur! De Nijhoffprijs is in Nederland voor een vertaler het hoogst bereikbare. De Jong krijgt de prijs omdat zij, te beginnen met Donkerboskind van Louis Krüger (1989), met tientallen vertalingen de Afrikaanse literatuur in Nederland onder de aandacht brengt. Zij vertaalde Marlene van Niekerk, Riana Scheepers, Ingrid Winterbach en vele anderen. Ter gelegenheid van haar bekroning is een Afrikaans lied gekozen als opdracht in een vertaalwedstrijd via De Volkskrant: "Slippers van satyn" van Amanda Strydom. De uitslag van de wedstrijd, maar vooral de plechtige uitreiking van de Nijhoffprijs aan Riet de Jong, volgen op 6 maart 2011.

Agaat van Van Niekerk is De Jongs grootste succes. In 2010 kwam het boek op de elfde plaats in een verkiezing van de belangrijkste roman uit de wereldliteratuur van de eenentwintigste eeuw, tot dan toe. In het weekblad De Groene Amsterdammer. Van Niekerk trad medio mei op in De Balie (Amsterdam), bij de viering van de zeventigste verjaardag van J.M. Coetzee.

Van Riet de Jong-Goossens verschenen in 2010 twee nieuwe vertalingen: Nasleep van Carel van der Merwe en aan 't eind van 't jaar Katvoet van Riana Scheepers, allebei bij uitgeverij Ailantus (en allebei te koop voor dezelfde prijs: € 18,95). Katvoet is gesignaleerd in het feministische blad Opzij en in Vlaanderen gerecenseerd door Jooris van Hulle in het boekenmaandblad De Leeswolf. Volgens Van Hulle heeft Scheepers "oog en oor voor de politieke en sociaal-economische situatie in haar land", schrijft zij "vanuit een poëtische vervoering over de schoonheid van het landschap" maar gaat zij bovendien op zoek naar "het onvatbare en mysterieuze", dat van het ene moment op het andere in het leven van haar personages ingrijpt.

Van der Merwe bezocht Nederland en beantwoordde vragen over zijn werk bij de leeskring in het Zuid-Afrikahuis (Amsterdam 4 juni). Nasleep werd kort besproken in NRC Handelsblad en in samenwerkende plaatselijke kranten als de IJmuider Courant en het Leidsch Dagblad (die recensies van elkaar overnemen). Maar het kreeg uitgebreidere besprekingen in landelijke kwaliteitskranten als Trouw en De Volkskrant. Verschillende critici wijzen erop dat Van der Merwes roman zich afspeelt in een milieu van niets dan blanken. Volgens Wim Bossema van De Volkskrant begint dat "onprettig aan te voelen". Hij gaat verder: "Er ontbreekt een cruciaal element. De confrontaties tussen blank en zwart, de pogingen tot verzoening, de mislukking daarvan, maakten de zittingen van de Waarheidscommissie zo dramatisch". Toch is Bossema door Van der Merwes roman wel geboeid. Ook elders in de Nederlandse pers klinken soms bezwaren tegen een nadrukkelijk blanke visie in de Afrikaanse literatuur, bijvoorbeeld van Toef Jaeger in NRC Handelsblad.

Er is een tekort aan vertalers uit het Afrikaans, maar gelukkig is De Jong-Goosens toch ook weer niet de enige. Uitgeverij Podium komt met Nu de slapende honden van Ronelda S. Kamfer, een tweetalige uitgave met naast het Afrikaanse origineel de Nederlandse vertaling van Alfred Schaffer (€17,50), met een gedicht als: "het spijt me maar ik ben Afrikaans" ("vergewe my maar ek is Afrikaans"), regels als:

lieve ooms met enge, lange grijze baarden, lange kousen
[...]
ik spreek jullie taal
ik eet jullie eten
ik woon in jullie vaderland
ik drink jullie wijn
ik zing jullie liedjes
en lieve ooms, ik, ja ik, ik vrij met jullie zoons

De dichteres trad in januari op bij Winternachten in Den Haag.

Bij dezelfde uitgever verscheen van Breyten Breytenbach Berichten uit de middenwereld (Notes from the middle World, vert. Krijn Peter Hesselink, € 22,50). Strikt genomen geen Afrikaans boek natuurlijk, maar Breytenbach blijft Breytenbach. Hij vereerde ons met bezoeken in voor- en najaar. Zijn optreden in Utrecht (13 april) was niet helemaal geslaagd doordat hij te lang voorlas uit zijn Engelse stukken die juist waren uitgekomen in het Nederlands. In een vraaggesprek met Carlo Nijveen in het Leidsch Dagblad (17 april) spreekt hij zorgelijk over de ontwikkelingen in Zuid-Afrika, maar nog veel zorgelijker over Israël. Gelukkig grijpt hij ook de gelegenheid voor een plaagstootje aan de gastheren: "Nederlanders veroordeelden Zuid-Afrika vroeger met een opgeheven vinger om de apartheid. Maar nu worstelen jullie zelf met vormen van racisme en met een politicus met gebleekt haar." Veel waardering oogstte hij op 29 oktober in Theater la Bonbonnière in Maastricht. Op deze "avond van de mooie woorden" werd een muzikale compositie van John Slangen uitgevoerd, een toonzetting van Breytenbachs "Blind op reis", die in het Afrikaans werd gezongen.

Breytenbach wordt wel aangeduid als het levend geweten van de Afrikaanse literatuur, maar als 't uitkomt wordt ook André Brink zo genoemd. Op Brinks memoires met de Nederlandse titel Tweesprong (2009) gaf Hans Ester een felle reactie in het Reformatorisch Dagblad van 20 maart 2010. Ester spreekt van een onevenwichtig boek. Hij is verontwaardigd over de oppervlakkigheid waarmee Brink schrijft over opeenvolgende liefdesrelaties ("enige diepgang heeft dit gedartel niet"- "Waarom allerlei intimiteiten, wanneer de essentie wordt verzwegen?"). Zijn verontwaardiging komt tot een hoogtepunt als hij schrijft over Brinks verhouding met Ingrid Jonker: "Op geen enkel moment komt Brink tot het inzicht dat hij zich zeer schuldig heeft gemaakt ten opzichte van Ingrid Jonker. Net als zo veel andere mannen gebruikte hij haar" en "Het heeft er alle schijn van dat Brink haar misbruikte om in literair opzicht van haar brieven en gedichten, zelfs van zijn plaats in haar ongelukkige biografie, te profiteren". Ester vindt het wel goed dat Brink zich ditmaal genuanceerd uitlaat over het christelijk geloof en haalt aan dat één man Brink het gevoel heeft gegeven "dat er misschien, heel misschien toch wel iets voor het geloof te zeggen valt". Die man is bisschop Tutu.

In 2010 gaf Meulenhoff van Brink de derde korte roman uit van de cyclus "Andere levens": Apassionata, vertaald door Rob van der Veer (€ 15). "Opmerkelijk luchtig, maar een diepere laag ontbreekt niet", heet het in een positieve bespreking van Irene Start in Elsevier (3 april). Die diepere laag is de problematiek van het nieuwe Zuid-Afrika.

Ook Antjie Krog is in Nederland sinds jaar en dag een vaste, zeergewaardeerde gast. Ze was in januari bij Winternachten. Met Remco Campert, Ramsey Nasr en anderen vormde zij in februari de schrijverskaravaan die zes steden langstrok onder het vaandel: Saint-Amour. Ron Rijghard vond 't maar een saaie avond, hoewel Krog voor leven in de brouwerij zorgde: "Alleen Krog brak uit met een poging in een gedicht twee woorden kapot, 'meaningless', te maken. Liefde in Zuid-Afrika is politiek, verklaarde ze, en gaat altijd over twee kampen: wit-zwart, man-vrouw, arm-rijk. Vervolgens varieerde ze minutenlang op de woorden buiten en binnen, en binnestebuiten en buitenstebinnen, tot ze bijna huilend tot stilstand kwam, en daarna kalm afsloot. Dat was een kort, werkelijk bijtend moment, dat dit avondje beschaafd erotisch entertainment goed deed." (NRC Handelsblad 15 feb.)

Inmiddels was bij Podium haar tweetalige bloemlezing Hoe zeg je dat uitgekomen (vert. Robert Dorsman en Jan van der Haar, € 19,50). Krog heeft de bundel zelf samengesteld. Een deel van de gedichten is eerder in het Nederlands verschenen, maar volgens Erik Menkveld "leest hij als nieuw". Menkveld waardeert Krogs keuze omdat ditmaal de politieke betrokkenheid wat op de achtergrond blijft, zodat het "eigen verhaal" alle ruimte krijgt. Dat verhaal gaat over "een liefde die zich van de geliefde uitbreidt tot kinderen en kleinkinderen. En die zich uiteindelijk neer moet leggen bij het ouder worden van het zo gekoesterde lichaam en de zich steeds nadrukkelijker opdringende sterfelijkheid" (De Volkskrant 19 april). Voor de camera van de AVRO verklaarde de schrijfster Christine Otten dat deze poëzie "niet alleen met het hoofd is geschreven, niet alleen met het hart, maar met het hele lichaam". Van Krog verscheen later in het jaar bij Contact: Niets liever dan zwart (Begging to be black, vert. Robert Dorsman, € 29,95).

Keren we terug naar het voetballen. De VPRO-gids, het programmablad van de progressieve omroepvereniging, liet gedurende vijf weken Zuid-Afrikaanse schrijvers aan het woord over de betekenis van het WK voor Zuid-Afrika: Rustum Kozain, Carel van der Merwe, Ronelda Kamfer, Charles-Pierre Naudé en Etienne van Heerden. Antjie Krog was daar niet bij, maar zij had in De Volkskrant over het WK een serie voor zichzelf: eerst een maandelijkse column, uiteindelijk twee keer per week, bij elkaar 29 stukjes. Op 13 juni maakte ze de balans op voor Zuid-Afrika: "En wat hebben we niet bereikt! Stakers hielden zich koest, de prijzen rijzen niet de pan uit en de elektriciteit viel niet uit. De politie blonk uit in zelfvertrouwen en uit de misdaadcijfers blijkt dat we zelfs vaderlandslievende criminelen hebben! We waren tijdig klaar met gebouwen, wegen, routes; elke wedstrijd begon stipt op tijd: de ploegen, de scheidsrechters, de schare fans, alles klopte. Eigenlijk een groot mirakel".